27 11
Ik ga even Lilith achterna:
- bloggers tegen het lijf gelopen op het station: een
- uren op een zitbal doorgebracht: zes
- pagina’s gelezen in Elf Minuten: vierendertig
- studio’s met oranje muren en een spiegelmuur bezichtigd: een
- vragen gesteld aan de makelaar: duizend en een
- contracten getekend voor studio’s met oranje muren en een spiegelmuur: drie
- banken binnengestapt om een huurwaarborg te regelen: een
- twijfels die door mijn lijf gieren na de beslissing te nemen die ik heb genomen: miljoenen
- oplossingen die ik heb bedacht voor die spiegelmuur: twee
18 11
Ik ben twee weken bezig op mijn nieuwe werk en het lijkt alsof ik er al maanden bezig ben. In de positieve zin. Het bevalt me echt supergoed. Ik voel me nuttig en krijg de nodige vrijheid. Het enige wat niet helemaal lekker zit zijn de uren die ik onderweg ben. Vier uur per dag. Dat is véél. Dat is zelfs veel voor iemand zoals ik die helemaal gek is op het openbare vervoer.
Het plan was eerst om begin volgend jaar iets te gaan zoeken om alleen te gaan wonen en dus eerst nog twee of drie maanden bij de mama en de papa te wonen, maar dat is gewoon niet haalbaar. Het is té vermoeiend om iedere dag zulke afstanden af te leggen. Ik vertrek om zeven uur het ’s morgens en kom ’s avonds terug thuis toe om kwart na zeven. Ik merk nu al na twee weken dat ik mijn gezondheid helemaal links laat liggen. Ik loop doodmoe rond door het vroege opstaan en omdat ik steeds zo laat thuis ben heb ik gewoon geen zin meer om te eten, waardoor ik meestal het avondmaal oversla of een snelle hap eet. Foute boel dus.
De afgelopen week hebben een goede vriendin en ik gepraat over samen een appartementje huren. Dat leek me wel fijn alleen… die vriendin heeft een lief. Iedereen heeft tegenwoordig een lief. Die twee zijn al langer plannen aan het smeden om volgend jaar ergens te gaan samenwonen. Dat zou een beetje moeilijk worden dan. Dus ga ik nu alleen op zoek. Iets kleins. Iets dicht bij het station. In Leuven, want in Leuven heb ik mijn vriendjes en vriendinnetjes en in Leuven voel ik me thuis. Het is een fijne stad. Kathleen op studiojacht. Dat gaat nog wat geven.
15 11
Het voordeel van steeds bussen en treinen te nemen op hetzelfde uur te nemen is dat je bepaalde mensen begint te herkennen. Zo zijn er Annelies en Siebe ’s ochtends op de bus. Ik schat ze zeventien. Ze hebben altijd interessante gesprekken die ik dan met veel plezier afluister. Op de trein is er de jongeman met de metro en de vrouw met de plooifiets. De jongeman gaat een heel eind mee tot in Vorst, de vrouw stapt af in Nossegem. In Brussel Centraal zie ik nu al enkele dagen na elkaar de evil twin van deze blogger afstappen. Ofwel zie ik de good twin afstappen en is de blogger in kwestie de evil twin. Dat zou me eerlijk gezegd niet verbazen. Natuurlijk leer je ook enkele buschauffeurs en treinconducteurs kennen. Zo heb ik al enkele jaren een favoriete buschauffeur en nu heb ik eindelijk ook een favoriete treinconducteur. Jawel.
Vorige week donderdag zat ik helemaal verdiept in een boek (Pride and Prejudice voor de verandering
) toen de deur van de coupé plots werd geopend. De conducteur. De jonge, zeer schattige conducteur. Enkele tellen later realiseerde ik me dat ik mijn abonnement moest laten zien. Dus dook ik mijn tas in en haalde de kaart te voorschijn. Op mijn gebruikelijke “alsjeblieft” volgde een “dank oe”. Aah, the joy of driving through Brussels: franstaligen en nederlandstaligen, allemaal een pot nat. Oeh, ik heb zelfs vandaag wéér Frans gesproken toen ik een vrouw hielp met de buggy van de trein te halen. Dat volledig ter zijde. Soit. Vorige week donderdag is die zeer schattige conducteur drie keer komen controleren. De strever. De tweede keer dat hij kwam controleren zat ik nog steeds te lezen en moest ik weer helemaal in de diepste diepten van mijn tas duiken op zoek naar dat geplastificeerde onding. “Eb ik et al kezien?” vroeg hij. Ik knikte, waarop hij verderliep.
Vandaag had ik nog maar net mijn achterwerk neergevleid op het paarse bankje toen de deur van de coupé open ging. Ik moest echt serieus op mijn tanden bijten om niet te giechelen toen ik zag dat hij daar stond. Volgens mij heeft hij de pretlichtjes in mijn ogen gezien of zo, want ik zag in zijn blik dat hij ook een punt van herkenning had. Dus liet ik mijn kaart zien, hij staarde er geruime tijd naar en zei toen weer “dank oe”. Ik vraag me soms echt af waar die conducteurs naar kijken als ze zo’n kaart zien. Naar de datum? Saai. Volgens mij kijken ze allemaal naar de foto’s op die ondingen. Daarom gebruik ik ook altijd een foto van vier jaar geleden waar ik op sta met een andere bril, een ander kapsel en een glimlach waarbij zelfs de breedste grijns van Julia Roberts in het niets verdwijnt. Het is een grappige foto. Misschien dat hij daar even naar keek, maar hij keek toch langer dan de gebruikelijke twee seconden. Toen hij de coupé uit was heb ik toch wel even gegiecheld. Ik vermoedde dat hij nog wel een paar keer voorbij zou komen. En zo geschiedde. (more…)
14 11
Soms kan open kaart spelen zo ontzettend heerlijk zijn zelfs al moet je daarvoor je ergste twijfels trotseren en krijg je daardoor niet wat je wil krijgen. Soms doet het gewoon deugd dat het allemaal uit je systeem is.
Tot zover deze zeer cryptische post.
11 11
Het jaar nadert zijn einde, hetzij langzaam, maar toch en dat wil zeggen dat ik even moet kijken naar de doelstellingen die ik begin dit jaar heb gemaakt. Een daarvan was om alle steden met een duizendtal te bezoeken. De Waalse steden waren nog niet aan bod gekomen en Antwerpen ook nog niet. Enkele weken geleden vertelde ik vriendin I. van die doelstelling. Ze was meteen enthousiast en we besloten een “Tour de Wallonie” te doen, een kleine roadtrip.
Namen
Ik ben eeuwen geleden met school naar Namen geweest om een dagje ondergedompeld te worden in de Fransche taal. Namen was me bijgebleven als een gezellig stadje. Het was onze eerste stop. Inderdaad, het is een gezellige stad. Met mijn visuele geheugen loodste ik ons meteen terug naar dat ene pleintje dat ik iedere keer voor me zag als ik aan Namen dacht. Jaja, een keer in een stad zijn en meteen je weg terugvinden, het is eng, maar superhandig.
Charleroi
In Charleroi zijn we niet echt gestopt (behalve dan om wat geld af te halen). We zijn er door gereden en stond versteld van het onaangename karakter van de stad. Die stad straalt niets uit. De meeste steden hebben toch nog op de een of andere manier een uitstraling, maar Charleroi helemaal niet. Misschien ligt dat gewoon aan mij. Misschien hebben we de stad niet genoeg kansen gegeven, ik weet het niet. In ieder geval waren we er snel weg.
Mons
Ik zou meteen verhuizen naar Mons moest ik kunnen. Echt. Zo’n prachtig stadje. Ik ben er echt holderdebolder voor gevallen. Al die oude huizen met hoge plafonds en grote ramen, prachtig gewoonweg. Jammer dat ze er Frans spreken en mijn Frans niet al te best is. Het ligt wel minder ver rijden met de trein van Halle dan Leuven van Halle ligt. Het is iets langer dan een half uur met de trein reizen… zonder overstap. Hihi. Yups, dat heb ik dus ook al uitgezocht. Vreemde kronkel. Het is nooit goed als ik verliefd word op steden. Enkele jaren geleden ben ik zo verliefd geworden op Amsterdam. Ik wilde er ook gaan wonen en intussen heb ik daar een kleine zes maanden doorgebracht. Ja, Mons was toch wel de ontdekking bij uitstek van deze hele postcode-route. Oeh! En het was kermis in Mons! Altijd leuk.
Maar het leukste aan de hele dag was toch het meebrullen van zeer foute nummers in de auto. Zo hebben we “My heart will go on” meerdere malen luidkeels meegezongen waardoor ik gisterenavond hees aankwam bij een filmavondje met een vriend.
Foto’s zijn natuurlijk te bezichtigen op mijn Flickr pagina.