The Good
Rond een uur of tien hoorde ik plots mijn telefoon. Als mijn telefoon in mijn tas zit is de kans miniem dat ik die hoor, maar deze keer hoorde ik hem. Ik grabbelde wat rond in mijn ietwat rommelig voorzakje van mijn tas en viste het vibrerende onding op. Het nummer deed geen belletje rinkelen bij mij dus nam ik op met een verbaasde “Hallo?”. De mevrouw aan de andere kant stelde zichzelf voor als zijnde iemand van de ticketverkoop van 30CC. Of ik nog geïnteresseerd was in een kaartje voor het concert van Kommil Foo, want er was een plaatsje vrijgekomen? Hell yeah!

Ik zat al weken uit te kijken naar het moment waarop je tickets voor dat concert zou kunnen bestellen. Het stond zelfs in grote rode letters in mijn agenda. Het stond zelfs in de kalender van mijn gsm. De avond voor de voorverkoop zou beginnen ging ik nog een kijkje nemen op de site van 30CC. Uitverkocht. Heel het concert uitverkocht. Een dag voor dat de voorverkoop normaalgezien zou beginnen. Ik was woedend. Ziedend. Razend en nog een hele hoop superlatieven er boven op. In een helder moment besloot ik me dan toch op de wachtlijst te zetten. Alleen. Je weet nooit. De vrienden die wilden meegaan konden zichzelf wel redden als het nodig was. Hey, in je eentje heb je meer kans op zulke dingen. In je eentje kan je trouwens ook veel sneller attracties doen in Walibi. Echt waar. En zodus heb ik toch nog een kaartje voor een uitverkocht Kommil Foo in Leuven weten te bemachtigen! Mijn dag kon niet meer stuk.

The Bad
Of dat dacht ik alleszins. Tijdens de voormiddag voelde ik al een paar keer mijn bloeddruk kelderen waardoor ik me nogal slapjes voelde. Normaalgezien gaat het al een beetje beter als ik was eet, dus liet ik vroeger dan anders een boterham verdwijnen achter mijn kiezen. Het hielp. Tijdelijk. Rond half vier, vijf uur voelde ik me zo slapjes dat ik moest gaan liggen, benen naar omhoog, heel de reutemeteut. Ugh. Niet het meest plezante om te doen op je werk. Collega A. heeft me naar huis gebracht (dank u!). Tijdens die rit een paar keer ingedommeld. Ik slaap nooit in bewegende voertuigen. Ik kan dat gewoon niet. Het klinkt compleet absurd, maar ik heb nog nooit in een vliegtuig geslapen en je zal me nooit slapend aantreffen op een trein. Dagdromend misschien wel, maar slapend? Nope. Dus dat was best een shockerende vaststelling dat ik nu wel geslapen heb ik een auto. Eens thuisgekomen, heb ik me in de zetel gelegd en heb ik nog meer geslapen. Toen werd het nacht en kwam de pijn terug en alle niet zo fijne dingen die daarbij horen. Ugh. Dus daar ga ik tijdelijk niet over uitwijken.

The Ugly?
Uhm… De inhoud van mijn wcpot deze nacht. Oh ja, ik ging niet uitwijken over dat onderwerp. Lalala.

20 February 2008

… een bloemetje. Jaja, af en toe moet je jezelf eens in de bloemetjes zetten en dat heb ik dan ook gedaan. Toen ik gisteren een paar narcissen zag staan voor bijna geen geld nam ik een potje mee. Narcissen zijn grappige bloemen. Net trompetten. Op dat moment waren alle knoppen nog dicht. Eens de bloemen mijn geweldige studio binnen kwamen, staken ze nieuwsgierig hun kopjes naar buiten. Nu staan er hier vier prachtige narcissen naast mij én er zijn twee nieuwe knoppen doorgekomen. Natuurlijk overlaad ik hen met veel liefde en genegenheid, zoals het hoort he. Ja, ik hou wel van bloemen. :D

En totaal nutteloze informatie: dankzij mijn vijfhonderdzevenentwintig spiegels heb ik ontdekt dat ik een putje heb in mijn kin. Een putje! In mijn kin! Een putje! Nog net niet zo erg als Rob van Oudenhoven, maar toch. Sinds wanneer heb ik een putje in mijn kin? Serieus, waar komt dat opeens vandaan?!

17 February 2008

Om kwart voor drie belde vriendin K.. Of ik geen zin had om mee te gaan naar de carnavalsstoet die door  de straten van Leuven trok? Ja, dat leek me wel wat. Dus trok ik mijn schoenen aan en samen met vriendin K. gingen we naar downtown Leuven. We zagen de stoet, vingen snoepjes én een mandarijntje (af en toe ook eens gezond doen he), lieten onze tenen bevriezen, liepen naar het station toe en zagen de stoet nogmaals.

Terwijl we aan het station stonden werd ik maar liefst twee keer bestrooid met confetti. Toen er voor de derde keer een man op ons toestapte, was ik een beetje voorzichtiger. Hij stak een zakje popcorn in mijn handen. “Dank je,” zei ik, “Eindelijk iemand vriendelijk, want ik ben al twee keer onder gegooid met confetti,”. Daarbij trok ik natuurlijk het zieligste gezichtje. “En zij nog niet?” vroeg de man terwijl hij naar vriendin K. wees die naast me stond. “Nee,” pruilde ik. De man stak vliegensvlug zijn hand in zijn zak en plots hing vriendin K. hé-le-maal onder de confetti. Zelfs in haar beha kon ze nog ronde stukjes papier terugvinden. Aaah… Het was het hoogtepunt van mijn dag! :P

16 February 2008

Serieus… Het begint saai te worden, al die toevallige ontmoetingen. Ik begin te vermoeden dat ik gewoon té veel mensen ken. Deze ochtend had ik besloten een fnacbon te gaan inruilen voor enkele dvd’s. Zo’n bons zouden mensen eigenlijk niet mogen geven aan mij, want ik vergeet die dingen anders. Goed, ik had er op tijd aan gedacht en even later was ik drie dvd’s rijker (Big Fish, Howl’s moving castle en Funny Face). Daarna ben ik gezellig gaan ronddwalen door Leuven en plots stond ik oog in oog met vriendin N. en haar vriend. Vriendin N. en ik waren vage plannen aan het maken om af te spreken dit weekend, maar we konden niet meteen een knoop doorhakken, plus ik voelde mij gisteren niet al te lekker en ik was dan ook van plan om het dit weekend rustig aan te doen. Soit. Nu is het zo dat haar vriend het niet zo heeft op kledingwinkels. Dus wanneer vriendin N. gaat shoppen, trekt hij zich terug in de Fnac. Dus ik kwam als geroepen en zo hebben vriendin N. en ik gezellig een uurtje samen gewinkeld.

En als u mij nu wil excuseren, ik ga mij in mijn zetel zetten met een boekje en lekker zonnebaden. Serieus. Studio met twee dakramen gericht op het zuiden… Ik kan me hier helemaal in… in… in… een zeer zonnig en subtropisch oord wanen. Nu, waar heb ik mijn bikini gelaten? :P

16 February 2008

Ik had de deur van de werkplek net achter me dichtgetrokken toen ik me bedacht dat ik sinds ik beginnen werken ben in Halle klasgenoot E. nog nooit tegen het lijf ben gelopen. Die gedachte schoot me te binnen toen er een meisje voor me liep die me enigzins aan haar deed denken, maar ze was het niet. Een straat verder sta ik plots oog in oog met klasgenoot E. en een vriend van haar. Uhu. Fuh-reaky. Eventjes een babbeltje geslaan met haar en daarna een spurtje getrokken om mijn trein te halen. Het was een fijn weerzien.

Was het toeval dat ik haar tegenkwam zo net toen ik aan haar dacht? Want al die toevalligheden en vreemde ontmoetingen de laatste tijd… Het is net iets te veel van het goede aan het worden. Echt. :P

13 February 2008