Gebeurd

Hoe kom je er op? Het bloginspiratie stokje

Ik kwam onlangs toevallig het Bloginspiratie stokje tegen op mijn eigen blog. Blijkbaar beantwoordde ik de vragen in het jaar onzes Heeren 2015 en natuurlijk is er heel wat veranderd de afgelopen negen jaren. Maar nu ik het bloggen terug aan het oppikken ben, leek het me leuk om deze vragen opnieuw te beantwoorden.

  • Waar haal je de tijd vandaan?
    Eerlijk is eerlijk: het is soms zoeken achter tijd om hier te bloggen. Er zijn maar zoveel uren in een dag en er moet sowieso al veel gedaan worden. Daarnaast heb ik nog steeds veel hobby’s en interesses en tijd maken voor al die verschillende interesses, is niet altijd even evident. Ik ben dus nu aan het experimenteren met één keer om de twee weken een paar uur in de plaatselijke bibliotheek te gaan zitten en dan te schrijven alsof mijn leven er van af hangt. Ik doe dan gewoon een bestand in een tekstverwerker open en dan is het gaan. Op een uur krijg ik meestal twee à drie blogberichten geschreven.
  • Waar haal je de inspiratie vandaan?
    Als ik kijk naar wat ik hier de afgelopen maanden heb gepubliceerd, dan zijn dat voornamelijk slice of life artikels. Het zijn momentopnames uit het dagdagelijkse leven, zaken waar ik mee bezig ben en die me interesseren. En het leven, da’s toch gewoon de grootste inspiratiebron, niet?
  • Volop inspiratie of loop je vaak tegen het zogenoemde schrijvers-bloggers block aan?
    Mijn hoofd stroomt nog altijd over van de ideeën en de verhalen die ik hier wil tegen. Ik loop tegenwoordig vooral tegen het tekort aan tijd aan.
  • Als de woorden even niet uit je vingers komen, hoe voel jij je dan?
    Blijkbaar vond ik deze vraag negen jaar geleden een “gekke vraag” en dat is niet veranderd. Als het niet lukt om te schrijven net op de moment dat je tijd hebt om de schrijven, dan is dat kut met peren. Dat weet iedereen, lijkt me. En, net als negen jaar geleden, besef ik dat het dan tijd is om even iets anders te gaan doen: even gaan wandelen, een kwartiertje gamen, een boek lezen,… Als het dan nog niet lukt, sja… Dan is het zo.
  • Hoe blijf je gefocust tijdens het uitwerken van een bericht?
    Ik schrijf mijn berichten eerst in Notion of tegenwoordig ook regelmatig in een tekstverwerker zoals een Google Doc of Pages. Daardoor raak ik niet afgeleid door WordPress zelf, wat al veel is. Als ik in de bibliotheek schrijf, staat het internet op mijn laptop uit en dat is zeer bewust gedaan om niet afgeleid te raken. De gsm leg ik ook aan de kant, want schrijftijd is schrijftijd.
  • Welke brainstormtechniek zorgt gegarandeerd voor bloginspiratie?
    Haha! Negen jaar later en ik gebruik nog steeds geen brainstormtechnieken voor deze blog. Ik denk dat dat ook minder relevant is voor een persoonlijke blog, want je kan makkelijker inspiratie halen uit het dagdagelijkse leven. En als je even een langere pauze moet inlassen omdat de inspiratie niet komt, sja… Daar gaat niemand wakker van liggen, vermoed ik.
  • Helpt muziek je ook als je bloginspiratie zoekt?
    Misschien niet zozeer om inspiratie te zoeken, maar wel om te schrijven. Ik merk dat ik veel meer dan vroeger muziek opzet tijdens het schrijven. Soundtracks doen het nog altijd zeer goed (Meneer Zimmer is persoonlijk verantwoordelijk voor heel wat uren achtergrondmuziek), maar er zijn ook een aantal schrijf-playlists op Spotify die ik regelmatig opzet.
  • Waar ontstaan de beste ideeën?
    Ik wandel tegenwoordig best veel en ik merk dat ik dan mijn gedachten alle kanten kan laten uitgaan. Vaak komen daar dan interessante ideeën uit voort. Soms zijn dat ideeën voor fictie, soms zijn dat ideeën voor werkgerelateerde projecten en soms zijn dat ideeën voor blogberichten.
    De fitness blijkt ook een geweldige plek om ideeën op te doen. Ik luister tijdens sleuren en trekken aan kabels en gewichten naar podcasts en doordat ik andere mensen over allerhande onderwerpen hoor praten, krijg ik ook de nodige inspiratie. De ideeën die ik in de fitness of onderweg krijg, noteer ik een lijstje in Notion.
  • In welke inspirerende omgeving werk je graag?
    Mijn ideale schrijfplek is mijn gele stoel, een Strandmon oorfauteuil van Ikea, in mijn bureau. Er zijn al ettelijke honderdduizenden woorden geschreven in die stoel. Dus zodra ik daar in ga zitten met mijn laptop voor mijn neus, heeft dat een soort van Pavlov reactie en begin ik te schrijven.
    Daarnaast ben ik dus aan het experimenteren met schrijven in de bibliotheek. Ik herinner mij dat ik dat toen ik intensief bezig was met Tuttefrut dat ook regelmatig deed. Dat is ook een verbazend inspirerende en productieve plek, zo blijkt.
  • Heb jij ook een ware “blogbijbel” op je bureau liggen voor als je het even niet weet?

    Nope. Ik denk dat blogbijbels en boeken over bloggen in het algemeen een beetje passé zijn.
  • Welke bloggers inspireren jou?
    Ik volg eigenlijk best nog wat bloggers en er zijn twee groepen die me duidelijk inspireren. Langs de ene kant heb je wat ik zelf eerder microbloggers zou noemen. Dit zijn de bloggers die redelijk korte posts schrijven, maar die ook regelmatig posten. Ik denk hierbij aan Koen en Michel. Het voelt een beetje aan als social media zonder dat het social media is en I’m here for it.

    Stiekem zou ik het microblogaspect wat meer willen toepassen op deze blog, maar tegelijk zou ik ook meer thematische, magazinestijl artikels willen posten. Dat is namelijk de tweede groep blogs die me inspireren. De grote blogs zoals A Beautiful Mess, Cup of Jo,… Ik merk dat mijn innerlijke journalist soms graag eens meerdere artikels rond een bepaald onderwerp zou willen schrijven en die dan zou willen bundelen in een dossier. Voor zij die het niet weten: hallo, ik ben Kathleen. Ik heb ergens een diploma journalistiek rondslingeren en dat laat me blijkbaar toch niet los.

    Heb ik achter de schermen al eens geprutst aan een nieuw design voor Verbeelding waarin die twee elementen worden gecombineerd? Misschien.

  • Hoe zit het met andere bijzondere inspiratiebronnen?
    Ik blijf erbij dat het leven zoals het is de grootste inspiratiebron is. Je weet wel, de dagdagelijkse belevenissen en de zaken waar je zelf interesse in hebt, daar wil je toch het liefst over vertellen, niet? Waar het hart van vol is en al? Bij mij is dat in ieder geval altijd zo geweest. Zo zit ik nu bijvoorbeeld in mijn cozy game era en kijk, dan zal ik daar ook over schrijven hier.
  • Ik geef het stokje door aan?
    Iedereen die het wil overnemen! Ha!

Foto An Epic View

Gebeurd

Inkijk in de keuken

Inkijk in de keuken

We wonen intussen al meer dan tien jaar in ons huis en hebben de nodige verbouwingen achter de rug, maar er staan er nog een aantal op de planning. Alles op zijn tijd natuurlijk. Ik weet dat heel wat mensen graag bezig zijn met inrichting, maar ik heb er precies niet zoveel aanleg voor.

Ons huis is een rijtjeshuis dat in een bocht staat waardoor we vooral in onze keuken de nodige inkijk hebben van de buren. Toch als die buren door het raam op het eerste verdiep naar beneden kijken. In 2020 lieten we een nieuwe keuken steken en daarbij hoorde ook enkele nieuwe ramen.
Voor de verbouwing van de keuken hadden we van die glasgordijntjes die nog wel wat licht doorlieten, maar waardoor je niet naar buiten kon kijken.

En eigenlijk wil ik nog wel altijd naar buiten kunnen kijken, want de keuken grenst aan de tuin.
Het is een klein tuintje dat er het ene jaar al wat wilder dan het andere bij staat, maar het is leuk om naar te kijken. Het is altijd fijn om één van de katten in het zonnetje te zien liggen soezen of om een paar moedige meesjes voorbij te zien fladderen. Dit jaar hebben we ervoor gekozen om toch wat meer gras te voorzien zodat zoonlief zich wat meer buiten kan uitleven (vorig jaar gingen we voor een jungletuin met veel inheemse planten). En we hebben zelfs een kikker in de tuin sinds kort. Hoe die daar is gekomen is een groot mysterie, maar kijk, een nieuw huisdier.

Het mag dan een piepkleine tuin zijn, het is een leuke plek om te vertoeven, voor mens en dier, zo blijkt. Of om naar te kijken vanuit de keuken als je groentjes aan het snijden bent of snackbordjes aan het maken bent voor het nageslacht.

Alleen zitten we dus met die inkijk. We hebben al de nodige opties bekeken om dat wat te verminderen. Fijne glasgordijnen en overgordijnen, maar dat is misschien niet zo ideaal in een keuken, want daar kunnen natuurlijk de nodige geurtjes in blijven hangen. Rolgordijnen zouden beter zijn in de keuken, maar de rolgordijnen die we al hebben in andere ruimtes, laten je niet echt toe nog naar buiten te kijken. Horizontale lamellen zijn ook een optie en dan zou je toch nog het zicht op de tuin wat behouden.

Er zou ook een soort van raambekleding zijn waarbij je wel naar buiten kan kijken, maar waar mensen van buiten niet naar binnen kunnen kijken. We hebben dit onlangs opgemerkt bij een huis in de buurt waar we altijd een pluizige, rosse kater aan het raam zagen zitten. Nu zien we hem niet meer zitten door die folie, maar ik vermoed dat hij nog wel altijd naar de vogels buiten kan kijken.

Soit, laten we het er op houden dat er meer dan voldoende opties zijn, maar dat we gewoon niet zo’n helden zijn in knopen doorhakken. Ha! Voorlopig houden we het nog even op blote ramen en wie weet hakken we wel een knoop door deze winter, als het zicht op de tuin wat minder belangrijk is.

Gegamed

Ooblets

Ooblets

De cozy games die ik tot nu toe heb gespeeld, waren vooral puzzelgames zoals A Little to the Left. Een tijdje terug zag ik op de Instagram van Team Confetti dat Olga Ooblets aan het spelen was, een game die ik ook al regelmatig was tegengekomen tijdens mijn zoektocht naar een nieuwe cosy game.

Ik had het nooit aangekocht omdat het me iets te veel aan Pokémon deed denken en ik had zoonlief dat spel al zien spelen. Vraag me niet welk Pokémon spel exact, want er zijn er veel, maar het leek gewoon niet mijn ding, zo om de beurt vechten en kleine wezentjes vangen. Eigenlijk is Ooblets zeer gelijkaardig alleen wordt er niet “gewoon” gevochten tussen de Ooblets in kwestie, maar doe je aan dance battles. Jawel. Het zijn vaak die vecht battles in zulke spellen waar ik helemaal op tilt sla, maar de dance battles in Ooblets zijn eigenlijk heel logisch (waarschijnlijk zijn ze dat ook in andere spellen hoor, maar kijk).

Iedere Ooblet heeft zijn eigen unieke dance moves. Bij iedere dance battle krijg je tijdens een beurt een aantal kaarten met daarop een aantal van die dance moves. Het is de bedoeling dat je met die dance moves een aantal punten behaalt, want iedere dance move kan je punten opleveren. De bedoeling van de dance battles is dat je als eerste het metertje dat het aantal punten bijhoudt vult. Iedere dance move van een Ooblet kost je een “beat” en je krijgt per beurt een aantal beats. Je moet dus eigenlijk goed kijken naar de kaarten die je krijgt, het aantal beats dat je kan inzetten en hoeveel iedere dance move je gaat kosten in beats. Logisch dus.

Uiteraard vertelde ik Het Vriendje over het spel en tijdens één of andere sale tikte hij het op de kop. Zoonlief was meteen verkocht. Ah ja, want het lijkt dus op Pokémon, maar in tegenstelling tot dat spel heb je in Ooblets ook een boerderij die je moet onderhouden (dat heb ik precies nog niet gezien in Pokémon), moet je je vriendschappen met de andere inwoners van Badgetown onderhouden en moet je de nodige missies uitvoeren (wat in zowat elk spel het geval is). De stijl van het spel spreekt ook ontzettend aan. Het is een kleurrijke bende en de Ooblets zelf zijn ontzettend schattig én grappig.

Wat zoonlief wél mist zijn de hilarische dialogen die je soms voert met de andere inwoners van Badgetown en omstreken. Er zitten daar een paar karaktertjes tussen. Ha! Het spel is in het Engels en hoewel we het zo goed en zo kwaad voor Het Meneertje proberen te vertalen, gaat er toch heel wat van de grappen verloren. Gelukkig is hij daar niet te hard mee bezig.

Onder lichte dwang van de zes-jarige Oobletsspecialist hier in huis, begon ik het spel uiteindelijk ook te spelen. Hij was tegen dan al level acht en kende alle gewassen die je kon planten uit zijn hoofd. Dus speelde ik op een avond nadat hij in bed lag een uurtje en ik was verkocht. Ik begreep helemaal waarom hij het keer op keer wilde spelen. Als je even geen zin hebt in dance battles met andere Ooblets, dan kan je missies uitvoeren voor de andere inwoners van Badgetown. Je hoofdmissie is om alle Oobnettorens terug aan te zetten. Daarmee connecteer je alle gebieden terug met het Oobnet (soort van internet) en ik vermoed dat je zelf ook via dat Oobnet leuke accessoires voor je boerderij, Ooblets en jezelf kan aanschaffen.

Als je geen zin hebt in een missie, dan kan je je uitleven op je boerderij. Je kan zaden kopen, deze planten en vervolgens zorgen dat je moestuin niet overwoekert met onkruid. Of je moet je gewassen water geven zodat ze niet verwelken. En uiteraard kan je met je oogst de nodige gerechten koken in je keukentje. Voor de tuiniers onder ons: er zijn geen slakken in deze moestuin. Ha!

Het is een heerlijke, kleurrijke wereld waarin je op je gemak je eigen ding kan doen. En het is geen moeilijk spel of een spel waarbij je lang je aandacht moet houden. Of waarbij je veel knopjes tegelijk moet induwen (work in progress bij mij… jikes). Ideaal dus voor beginnende gamers en het cozy game label meer dan waardig.

Wij spelen Ooblets hier thuis op de Switch, maar je kan het ook via Steam aanschaffen en zo op je computer spelen als dat meer je ding is.

Pin It on Pinterest