The Second Chance Convenience Store

The Second Chance Convenience StoreDe obsessie met convenience stores waar ik het eerder deze week al over had, zette zich voort in mijn boekkeuze. Zo kwam ik The Second Chance Convenience Store van Ho-Yeon Kim tegen, een Koreaanse feel good bestseller. En ja, het verhaal speelt zich voor een heel groot deel af in een convenience store. Drie keer raden wie een happy camper was?

Op de trein ontdekt de zeventiger mevrouw Yeom dat ze haar handtas niet bij haar heeft. Op dat moment krijgt ze een telefoontje van een onbekende. Dat hij haar handtas heeft en die veilig zal bewaren in Seoul station. Maar mag hij ook even iets kopen om te eten met het geld uit de portefeuille? In Seoul station krijgt ze de handtas terug van de dakloze Dokgo. Wanneer mevrouw Yeom, die eigenares is van een convenience store, later op zoek moet naar een nieuwe medewerker voor de nachtshiften, biedt ze Dokgo de job aan. Hij neemt deze gretig aan. Niet alleen zorgt hij ervoor dat de winkel goed wordt gerund tijdens de nachtelijke uren, maar hij staat ook altijd klaar met de nodige wijsheden.

The Second Chance Convenience Store is een ontzettend charmant feel good boek. In ieder hoofdstuk wordt het verhaal van één van de personages uitgelicht: mevrouw Yeam, de zoon van mevrouw Yeom, een schrijfster die tegenover de convenience store komt wonen, twee andere medewerkers van de winkel,… Je leert via hun verhalen en hun interacties met Dokgo, de dakloze man beter kennen. Daardoor voel je dat er veel meer is dan enkel een man die aan lagere wal is geraakt.

Het leest vlot, de hoofdstukken zijn niet te lang, de personages zijn allemaal interessant en hoewel je wel kan raden hoe het zal eindigen, is het gewoon heel fijn om te lezen. Op zich is er heel weinig actie, dus de personages en hun verhalen staan centraal, maar het is een mooi geheel dat mij een warm gevoel gaf. Plus het is helemaal geen dik boek, dus je vliegt er zo door. Heerlijk. Meer van dat.

34/40

Strange Houses

Strange Houses Toen we vorig jaar in Londen waren, konden we niet anders dan even de grote Waterstones aan Piccadilly Circus binnen te springen. Ik ben er in geslaagd die winkel buiten te komen zonder een boek te kopen. Een prestatie op zich. Maar ik had er één boek gezien waaraan ik regelmatig moest terugdenken: Strange Houses van Uketsu.

Sindsdien heb ik het boek een aantal keer vastgehad in verschillende boekenwinkels, maar uiteindelijk kocht ik het dan toch begin februari in de Waterstones in Brussel. Onderweg naar Oostende zette ik er dan eindelijk mijn tanden in.

Een vriend van een schrijver vraagt hem om naar de plattegrond te kijken van een huis dat hij mogelijk wil aankopen. De schrijver spot meteen een paar vreemde zaken en legt de plattegrond voor aan een bevriende architect. Samen proberen ze aan de hand van de plattegrond uit te zoeken wat er mogelijk aan de hand was in het nogal vreemd ontworpen huis. En dan krijgen ze nog een tip van buitenaf: nog een plattegrond van een minstens even vreemd huis.

Het boek leest ontzettend vlot omdat het ergens tussen een roman en een graphic novel zit met al die plattegronden die je ziet. Het grootste deel van het boek is ook in dialogen geschreven, dus geen omschrijvingen of zo. Het is de schrijver die met zijn vriend telefoneert en praat over de plattegronden of de schrijver die praat met nog andere personages. Zelf vond ik deze manier van schrijven een keer iets anders dan anders en dat sprak me wel aan. Dus nog voor ik goed en wel op de trein zat richting Oostende had ik al een kwart van het boek gelezen.

Het leuke aan dit boek (naast dat het zo vlot leest) is dat je als lezer wordt uitgedaagd om mee te denken en mee te kijken naar de plattegronden. Zie je iets vreemds? Waarom zou die ruimte zo opgebouwd zijn? Wat betekent dat? Op die manier ben je als lezer zelf ook een beetje een personage omdat je mee aan het denken bent. Of je het nu wil of niet, je gaat als soort van derde personage je eigen input geven tijdens de gesprekken van de andere personages.

Bij de grote ontknoping heb ik een aantal keer bedenkelijk gekeken. Het was nog steeds goed, daar niet van, maar misschien een beetje vergezocht? Wat ik dan wel weer interessant vond, was dat er in het zogezegde nawoord van één van de personages, er nog een schepje bovenop wordt gedaan. Want zijn we wel zeker van alles? Dumdumduuuuum.

Soit. Het had zijn goede punten, het had zijn minder goede punten. Het is niet het beste boek dat ik ooit gelezen heb, maar zeker ook niet het slechtste. Als je weet dat ik mijn treinreis naar Oostende gebruikte om te blijven lezen, terwijl het plan eigenlijk was om blogberichten aan de lopende meter te schrijven, dan zegt dat genoeg, lijkt me. Het is spannend, meeslepend en het leest als een trein. Het was dan ook bijzonder lang geleden dat ik nog een keer een boek uitlas op één dag. Ha!

14/40

Weyward

WeywardVorig jaar in november las ik The Sirens van Emilia Hart en dat boek was voor mij een schot in de roos. De sfeer, het feministische kantje, de vraag of het nu écht over zeemeerminnen ging of niet,… Tijdens het lezen van dat boek ontdekte ik dat het eigenlijk Hart haar tweede boek was. Haar eerste was Weyward (denk ik). Dat boek had ik zoveel zien passeren op mijn Goodreads, maar ik had er voor de rest niet veel aandacht aan besteed. Tot ik dus The Sirens had gelezen en besloot Weyward toch ook redelijk hoog op mijn te lezen lijstje te zetten.

In 2019 vlucht Kate weg bij haar geweldadige partner. Ze heeft net een cottage van haar oudtante Violet geerfd en dat wordt haar veilige plek waar ze opnieuw tot zichzelf kan komen. Ze leert daar meer over Violet die er als zestienjarige kwam wonen in 1942. Violet is liever bezig met insecten en in bomen klimmen, dan met eender wat anders. Maar dan verschijnt Frederick in haar leven. Driehonderd jaar eerder, in 1619, woont Altha in de cottage. Ze is net haar moeder verloren en wordt beschuldigd van hekserij.

We weten intussen allemaal dat ik wel fan ben van boeken waarin meerder vertelstandpunten worden gebruikt. Als die dan ook nog eens over meerdere eeuwen gaan, is dat helemaal geweldig. Dus dat zat wel snor. Ieder verhaal van de drie vrouwen op zich is ook boeiend en de verhalen zien samenvloeien is fantastisch.

Daarnaast is er net genoeg magie aanwezig in dit boek om het meer dan gewoon een historische roman met een feministisch kantje te maken. Ik hou van een tikkeltje magie in een boek. In dit boek heb je sneller door hoe de vork aan de steel zit dan in The Sirens. Ik herinner me dat de vraag: “Jamaar, is het nu of is het nu niet?” ervoor zorgde dat ik The Sirens absoluut niet opzij kon leggen. Bij dit boek was dat wat minder.

Wat ik wél miste in dit boek in vergelijking met The Sirens was de dreigende atmosfeer. Die dreiging in The Sirens was bijna een personage op zich. Het deed met momenten het haar op mijn armen rechtop staan. En daarin denk ik dat Emilia Hart serieus gegroeid is tussen Weyward en The Sirens. In Weyward zijn er een aantal momenten waarbij je op het puntje van je stoel zit, maar ergens is er een stemmetje dat zegt: “Dit gaat allemaal wel goed aflopen,”. In The Sirens leek het tot bijna helemaal op het einde nog alle kanten uit te kunnen.

En misschien mag ik de twee boeken niet zo vergelijken. Het zijn allebei fantastische boeken die ik met héél veel plezier heb gelezen. The Sirens is verantwoordelijk om mij uit mijn romcom era te halen en heeft ervoor gezorgd dat ik terug wat meer zin had in historische romans. Ook Weyward kon ik niet opzij leggen. En ik ben benieuwd wat Emilia Hart nog uit haar pen zal toveren, want het is een auteur om in het oog te houden.